“Geen plek voor AZC in Leiden” kopte het Leidsch Dagblad vanmorgen in de sectie Leiden en Omgeving. Alle plekken die de gemeente en het centraal orgaan asielzoekers hadden onderzocht, vielen om uiteenlopende redenen af. Wethouder Pieter van Woensel hoopt nu dat de buurtgemeenten van Leiden bereid zijn om een AZC te huisvesten.
Verder lezend in het artikel wordt duidelijk dat die uiteenlopende redenen zijn samen te vatten onder de noemer veiligheid. Zo lezen wij dat hoogbouw bij asielzoekers onwenselijk is. Immers bij een ontruiming heb je een taalbarrière en er zijn asielzoekers die bij brand niet wegrennen maar onder hun bed kruipen. Laagbouw voor 450 asielzoekers vinden is dan ook erg lastig, aldus het artikel.
Vier locaties werden er onderzocht. Het voormalige kantoor van het offshorebedrijf Heerema, de favoriet van de gemeente, viel af, omdat er in de buurt een LPG tankstation is. Twee andere plekken op de Smaragdlaan en de Haagse Schouwweg vielen ook af door ruimtegebrek voor de benodigde laagbouw. De laatste plek in de Oost-Vlietpolder kwam uiteindelijk ook niet in aanmerking omdat er gewoonweg geen enkele gasleiding, weg of andere infrastructuur aanwezig is om 450 mensen te huisvesten.
Al lezend, met een kopje koffie in de hand, moest ik denken aan een college, zo veel jaren geleden door Professor Versnel. Het ging over de oude Grieken en over hun visie met betrekking tot “de ander”. Er kon niet vertrouwd worden dat die ander de normaalste dingen zou weten. Er kon daarom van hen ook in zijn geheel niets verwacht worden.
Dit is blijkbaar vandaag de dag niet veel anders. Asielzoekers zijn niet slim genoeg om bij brand, zelfs na eerdere uitleg, de vluchtroute naar buiten te nemen. Ook is het natuurlijk, volgens de onderzoekers, veel te risicovol dat een asielzoeker naast een LPG tankstation een sigaretje opsteekt.
De asielzoeker bestaat niet. Het is een gemêleerde groep mensen, soms met een lage opleiding maar evenzoveel met een goede opleiding, die naar ons land vluchten omdat zij in hun eigen land hun leven niet zeker zijn. Deze pedante denkwijze over asielzoekers werd mij enkele jaren geleden nogmaals duidelijk gemaakt door een treffend voorbeeld van mijn vader, die in de laatste jaren als onderwijzer asielzoekers de Nederlandse taal leerde. Nota bene onder Rita Verdonk werd er nieuw beleid gemaakt. Geen algemene taalles maar kernsituaties. “Hoe ga ik naar de huisarts”, “hoe ga ik naar de gemeente” of “hoe gebruik ik een pin automaat”. In een les, na enige tijd, stak weifelend een jonge Iranese vluchteling zijn hand op. Op de vraag waarom kwam er zacht uit : “Maar meester, wij hebben in Iran ook pinautomaten”. In het opvolgend gesprek sprak de klas zich unaniem uit in de wens gewoon de taal te willen leren.
Leiden, stad van vluchtelingen.. weer iets dat vooruitgeschoven en al door dit college, vanaf maart door D66 moet worden opgepakt..
Verder lezend in het artikel wordt duidelijk dat die uiteenlopende redenen zijn samen te vatten onder de noemer veiligheid. Zo lezen wij dat hoogbouw bij asielzoekers onwenselijk is. Immers bij een ontruiming heb je een taalbarrière en er zijn asielzoekers die bij brand niet wegrennen maar onder hun bed kruipen. Laagbouw voor 450 asielzoekers vinden is dan ook erg lastig, aldus het artikel.
Vier locaties werden er onderzocht. Het voormalige kantoor van het offshorebedrijf Heerema, de favoriet van de gemeente, viel af, omdat er in de buurt een LPG tankstation is. Twee andere plekken op de Smaragdlaan en de Haagse Schouwweg vielen ook af door ruimtegebrek voor de benodigde laagbouw. De laatste plek in de Oost-Vlietpolder kwam uiteindelijk ook niet in aanmerking omdat er gewoonweg geen enkele gasleiding, weg of andere infrastructuur aanwezig is om 450 mensen te huisvesten.
Al lezend, met een kopje koffie in de hand, moest ik denken aan een college, zo veel jaren geleden door Professor Versnel. Het ging over de oude Grieken en over hun visie met betrekking tot “de ander”. Er kon niet vertrouwd worden dat die ander de normaalste dingen zou weten. Er kon daarom van hen ook in zijn geheel niets verwacht worden.
Dit is blijkbaar vandaag de dag niet veel anders. Asielzoekers zijn niet slim genoeg om bij brand, zelfs na eerdere uitleg, de vluchtroute naar buiten te nemen. Ook is het natuurlijk, volgens de onderzoekers, veel te risicovol dat een asielzoeker naast een LPG tankstation een sigaretje opsteekt.
De asielzoeker bestaat niet. Het is een gemêleerde groep mensen, soms met een lage opleiding maar evenzoveel met een goede opleiding, die naar ons land vluchten omdat zij in hun eigen land hun leven niet zeker zijn. Deze pedante denkwijze over asielzoekers werd mij enkele jaren geleden nogmaals duidelijk gemaakt door een treffend voorbeeld van mijn vader, die in de laatste jaren als onderwijzer asielzoekers de Nederlandse taal leerde. Nota bene onder Rita Verdonk werd er nieuw beleid gemaakt. Geen algemene taalles maar kernsituaties. “Hoe ga ik naar de huisarts”, “hoe ga ik naar de gemeente” of “hoe gebruik ik een pin automaat”. In een les, na enige tijd, stak weifelend een jonge Iranese vluchteling zijn hand op. Op de vraag waarom kwam er zacht uit : “Maar meester, wij hebben in Iran ook pinautomaten”. In het opvolgend gesprek sprak de klas zich unaniem uit in de wens gewoon de taal te willen leren.
Leiden, stad van vluchtelingen.. weer iets dat vooruitgeschoven en al door dit college, vanaf maart door D66 moet worden opgepakt..
