Voor veel ouders met jonge kinderen is de afgelopen twee weken de twijfel toegeslagen. Sinds Ab Klink bekend maakte dat jonge kinderen tussen 6 maanden en 5 jaar tegen de Mexicaanse griep gevaccineerd gaan worden is dat het gesprek van de dag op schoolpleinen, kinderdagverblijven en partijtjes. Wel of niet doen was de vraag. Deze week is het grote vaccineren dan begonnen. In de kranten staan foto’s van huilende peuters met ernstig kijkende ouders. In het journaal staan drie heren vrolijke liedjes te zingen op een podium voor een grote zaal wachtende, angstige kinderen en hun ouders. De opkomst is hoog, zeer hoog, jubelen de kranten. De hele operatie verloopt vlekkeloos tot nu toe. Het Leidsch Dagblad heeft het, bijna patriottistisch, over een gemoedelijke militaire nauwkeurigheid van de hele operatie tot nu toe. Volgens het toch doorgaans op de overheid kritische Geenstijl “nemen bijna alle kinderen netjes hun prik”. Geheel volgens de nieuwe medianormen worden er statistieken bijgehouden alsof het een verkiezing betreft. Tachtig tot negentig procent opkomst hier, een slechte beurt voor de gemeente met zeventig procent opkomst daar. Kritische artikelen worden bijna niet meer geschreven en het nieuws dat in Canada een hele partij van het vaccin door de fabrikant wegens te sterke bijwerkingen opzij gezet is, is vandaag slechts op pagina 5 van de krant terug te vinden.
Het twijfelen bij de meeste ouders slaat uiteindelijk dan toch om in een tocht naar de sporthal. Ouders staan hier in hun keuze feitelijk alleen voor. Elkaar bellen voor advies wordt niet veel gedaan. Je wil je niet bemoeien met de keuze van anderen. Hulp van de huisarts hoef je meestal ook niet te verwachten. Toen twee weken geleden mijn zoontje alle verschijnselen van de Mexicaanse griep kreeg en ook, door de telefoon, zo gediagnosticeerd werd, kreeg ook mijn in de prikleeftijd zittende, dochtertje griepverschijnselen. Normaal gesproken zouden wij ervan uitgegaan zijn dat zij beiden hetzelfde virusje onder de leden hebben gehad. Bellend met de GGD vertelde een aardige meneer ons dat wij dat maar eerst moesten laten testen. Volgens hem zijn alle mensen die nu ziek zijn besmet met dit virus, dus zou prikken overbodig zijn. De huisarts dacht er anders over. “Testen doen wij niet en is overbodig”. Baat het niet dan schaadt het niet” is de gedachte. Ondertussen lees ik op Spitsnieuws dat de mensen die nu niet gaan “pech hebben gehad”. “ One strike and you are out!”
De oproep voor mijn dochtertje voor morgen ligt hier naast mij. Wij zijn er nog steeds niet uit. Gisteravond heb ik op Internet allerlei verhalen, ook van artsen, gelezen over het vaccin. Niet getest, bijwerkingen en ingrediënten die allemaal tot bijwerkingen kunnen leiden, van huiduitslag tot autisme. Tot berichten die juist aangeven dat het vaccin compleet veilig is en dat de adjuvanten precies hetzelfde zijn als die van het normale vaccinatieprogramma. Ik neig naar niet prikken, Suzanne mijn vrouw naar wel prikken. De keuze vinden wij moeilijk, prikken en je schuldig voelen over de eventuele gevolgen.. niet prikken en eventuele gevolgen van de griep krijgen en je daar dan weer schuldig over moeten voelen.
Er is blijkbaar geleerd uit de les met de mislukte vaccinatie tegen baarmoederhalskanker. Terwijl veel mensen toen een kritische houding hadden, hebben de meeste mensen en vooral de media dit nu niet. Misschien is dat ook wel wat mij vooral zo tegen staat. Ik kan er immers bijzonder slecht tegen om beslissingen te nemen met halve eenzijdige en conflicterende informatie. Dat is de D66’ger in mij. Dus de twijfel blijft.. ook bij de vrouw die mijn moeder vorige week in de bus tegenkwam. Op de vraag wat zij met haar jonge kinderen ging doen uitte zij ook haar twijfel. Bijna verzuchtend vervolgde zij “Gelukkig heb ik nog een week om er over na te denken.” Die week is nu op..
Het twijfelen bij de meeste ouders slaat uiteindelijk dan toch om in een tocht naar de sporthal. Ouders staan hier in hun keuze feitelijk alleen voor. Elkaar bellen voor advies wordt niet veel gedaan. Je wil je niet bemoeien met de keuze van anderen. Hulp van de huisarts hoef je meestal ook niet te verwachten. Toen twee weken geleden mijn zoontje alle verschijnselen van de Mexicaanse griep kreeg en ook, door de telefoon, zo gediagnosticeerd werd, kreeg ook mijn in de prikleeftijd zittende, dochtertje griepverschijnselen. Normaal gesproken zouden wij ervan uitgegaan zijn dat zij beiden hetzelfde virusje onder de leden hebben gehad. Bellend met de GGD vertelde een aardige meneer ons dat wij dat maar eerst moesten laten testen. Volgens hem zijn alle mensen die nu ziek zijn besmet met dit virus, dus zou prikken overbodig zijn. De huisarts dacht er anders over. “Testen doen wij niet en is overbodig”. Baat het niet dan schaadt het niet” is de gedachte. Ondertussen lees ik op Spitsnieuws dat de mensen die nu niet gaan “pech hebben gehad”. “ One strike and you are out!”
De oproep voor mijn dochtertje voor morgen ligt hier naast mij. Wij zijn er nog steeds niet uit. Gisteravond heb ik op Internet allerlei verhalen, ook van artsen, gelezen over het vaccin. Niet getest, bijwerkingen en ingrediënten die allemaal tot bijwerkingen kunnen leiden, van huiduitslag tot autisme. Tot berichten die juist aangeven dat het vaccin compleet veilig is en dat de adjuvanten precies hetzelfde zijn als die van het normale vaccinatieprogramma. Ik neig naar niet prikken, Suzanne mijn vrouw naar wel prikken. De keuze vinden wij moeilijk, prikken en je schuldig voelen over de eventuele gevolgen.. niet prikken en eventuele gevolgen van de griep krijgen en je daar dan weer schuldig over moeten voelen.
Er is blijkbaar geleerd uit de les met de mislukte vaccinatie tegen baarmoederhalskanker. Terwijl veel mensen toen een kritische houding hadden, hebben de meeste mensen en vooral de media dit nu niet. Misschien is dat ook wel wat mij vooral zo tegen staat. Ik kan er immers bijzonder slecht tegen om beslissingen te nemen met halve eenzijdige en conflicterende informatie. Dat is de D66’ger in mij. Dus de twijfel blijft.. ook bij de vrouw die mijn moeder vorige week in de bus tegenkwam. Op de vraag wat zij met haar jonge kinderen ging doen uitte zij ook haar twijfel. Bijna verzuchtend vervolgde zij “Gelukkig heb ik nog een week om er over na te denken.” Die week is nu op..
